Karel Nijman in het bestuur van de belangrijkste kaatspartij: “De PC is magisch”
LEEUWARDEN - Flabbergasted, dat is het woord. Karel Nijman uit Leeuwarden was werkelijk verbijsterd toen hij gevraagd werd zitting te nemen in het bestuur van de PC, de belangrijkste kaatspartij die dit jaar op 29 juli wordt gehouden. “Ik zag het niet aankomen. Ik voelde me heel erg vereerd. Het gaat om de allermooiste kaatspartij die er is. De oudste jaarlijkse sportklassieker van Nederland. 173 jaar! En dat je die mee mag organiseren, die magische dag.”

Karel Nijman (46), bouwadviseur in de vastgoedbranche, is een bekend gezicht in de kaatswereld. Elf keer kaatste hij op de PC. Niet het grootste talent, wel een groot liefhebber die bovenslagen uitbundig vierde en dus een plezier om naar te kijken. Ook omdat hij niet bang was de randjes op te zoeken. Want kaatsen is oorlog – zeker op de PC. Een beetje klieren, etteren, het hoort erbij.
Neem de PC van 2003. Hij kaatste hij met Johannes Dijkstra uit Huizum en Folkert van der Wei uit Witmarsum. In de halve finale raakten ze in het beslissende eerst (game) 2-6 achter. De telling gaat in het kaatsen met twee punten tegelijk (2-4-6-8). Dat betekende twee matchpoints voor de tegenpartij: Rutmer van der Meer, Henk Vlietstra en Taeke Triemstra. In kaatserstaal: Karel en z’n maten stonden twee maal op ’e dea.
Rutmer van der Meer nam risico’s. Twee keer miste hij het perk. Werd de spanning hem te veel? Matchpoints weg, de stand was gelijk. En ultiem. Rutmer zou opnieuw, en nu met alles aan de hang, moeten opslaan. Op dat moment stoof Karel Nijman over het hele Sjûkelân naar Van der Meer. Even wat zout in de wonden bij Rutmer. Uitdagen. Intimideren. Waarschuwende woorden: “Als je nu bij mij komt dan is het uit.” Intimideren mag bij het kaatsen. Maar hij raakte Van der Meer ook aan. Tikje tegen de schouder. “Geen stoot, eigenlijk een aai over zijn schouder.” Dat mag niet.
Op een doodstil Sjûkelân nam Van der Meer opnieuw zijn aanloop. Twaalfduizend toeschouwers hielden de adem in. En Rutmer miste opnieuw. Karel en zijn maten stonden in de finale en zouden de PC winnen.
OP OF OVER DE GRENS?
Het publiek reageerde verschillend op Nijmans actie. Sommige mensen vonden het op, anderen over de grens. Kaatsers reageerden ook verschillend. Opslager Johan Okkinga zei dat het not done was, Sake Porte had begrip voor zijn collega-voorinse, hij vond het eigenlijk wel mooi.
Hebben Karel en Rutmer er nog wel eens op terug gekeken? Nauwelijks, zegt Karel, maar hij denkt niet dat Rutmer hem iets verwijt. “Rutmer gaf waarschijnlijk zichzelf de schuld. Hij had zo graag Henk Vlietstra, die de PC nooit heeft gewonnen, aan een zege geholpen. Maar het heeft nooit tussen ons gezeten. Bij anderen is dit moment veel groter dan bij ons.”
Momenteel treffen de mannen elkaar regelmatig als ze naar hun kaatsende kinderen staan te kijken. “Het gaat niet meer om ons. Het gaat nu om de toekomst.”
EEN KUS VOOR DE KONING
Na zijn kaatscarrière was Nijman zeven jaar voorzitter van de Leeuwarder kaatsvereniging LKC. Een bevlogen voorzitter. Zichtbaar als hij de club vertegenwoordigde, maar ook in de schaduw wanneer hij na een lange kaatsdag met een paar bestuursleden het veld opruimde en alle anderen al lang aan het bier waren.
En – nooit eerder gebeurd – in 2020 kuste hij de koning van de Oldehovepartij. Een voorzitter die een kaatser kust, dat was volstrekt uniek in de kaatswereld. Het ging om Tjisse Steenstra. Nijman overhandigde hem de koningsprijs, de zilveren Oldehove, kroop hem aan en en kuste hem.
De LKC-dichter wijdde daar deze regels aan:
In tút fan de foarsitter. In tút fan in man.
Dy frege him net ôf: Wat fynt in oar dêr fan?
Nij(e)mannen hannelje fanút it hert.
Foar ‘t keatsen histoarysk.
Mar ek wol wat let.
Toch, yn dat ôfstannelike Coronajier,
wat in moai beslút:
in tút.
Nee, formeel en traditioneel kun je Karel Nijman niet noemen. Toch treedt hij van harte toe tot de Permanente Commissie, een organisatie die wel meebeweegt met de tijd maar toch ook van tradities aan elkaar hangt.
GASTHEER
Hij kende de heren van de PC en zij kenden hem. Elf jaar geleden werd hij gastheer op de PC. Het was een nieuwe functie en ze zagen hem als dé kandidaat. Hij mocht de functie zelf invullen. De PC heeft de gave een kaatsliefhebber het gevoel te geven dat de dag speciaal voor hem of haar is georganiseerd. Maar voor nog specialere gasten wilde de PC wat extra’s doen. Net even meer aandacht. Zorgen voor een warm bad. Dat werd Karels taak. Zo hij begeleidde hij bijvoorbeeld BN’ers als Erik van Muiswinkel en de topsporter Tim Prins.
Maar het verzoek om bestuurslid te worden had hij niet verwacht. Hij voelde zich heel erg vereerd: “Ik was een underdogkaatser, was nooit topfavoriet. Maar op de PC heb ik me wel zo gevoeld en daardoor is die partij voor mij magisch geworden. Dat ik gevraagd werd, vond ik uniek.” Het PC-lidmaatschap is geen sinecure, de partij valt in de vakantietijd – hij nam ruim de tijd om te overleggen met Sygrid, zijn vrouw. Toen gaf hij zijn ja-woord.
PC IS NIET DE MOOISTE DAG
Ook omdat het de mooiste dag van het jaar is? “Nee,” zegt Karel relativerend, want dat vindt hij niet: de PC is voor hem niet de mooiste dag van het jaar. De mooiste dagen beleeft hij met Sygrid en hun drie kinderen. Kaatsen is voor hem niet het allerbelangrijkste. Het is een hobby en hobby’s geven kleur en energie aan je leven. Maar je liefsten staan op nummer een.
Daar werd hij zich in 2012 van bewust toen Sygrids vader plotseling overleed, 49 jaar nog maar. “De wereld stond stil. Maar vanaf dat moment maakte ik ook nieuwe bewuste keuzes. Een daarvan: meer tijd voor het gezin.” Sygrid kreeg borstkanker, zijn vader – de voormalige PC-dokter – acute leukemie. Karel mocht zijn beenmergdonor zijn en zijn vader genas. In het besef van die kwetsbaarheid – voor je het weet sta je op de dood – vieren ze het leven voluit. Er is meer dan kaatsen. Maar niet op de vijfde woensdag van juli.
Hij vroeg de PC nog waarom ze voor hem hadden gekozen. De klik, dat bleek het belangrijkste te zijn: “Er moet gewoon een goeie klik zijn, waarbij er vooral ook gelachen moet worden. Dan smaakt de droge worst het beste op de vergadering.”
MANNEN ONDER ELKAAR
Klinkt als: “mannen onder elkaar” en de PC houdt dat ook graag zo. Overal zijn vrouwen in kaatsbesturen welkom, maar de PC houdt de tent gesloten. Heeft Karel, toch een moderne man, nog geopperd: Waarom nemen jullie geen vrouw? “Nee, daar heb ik geen seconde aan gedacht.”
In 2021 geleden werd Ids Hellinga, de voorzitter van de PC, ook lastig gevallen over deze kwestie. “Zou je je ogen eens dicht willen doen?” vroeg een journalist. Dat deed Hellinga.
Daarna werd hij gevraagd te visualiseren: stel je je de PC-tent eens voor en dan zie je dat daar drie mannelijke PC-leden, maar ook twee vrouwen zitten. Laten we zeggen: Marrit Zeinstra en Anne Monfils. Kundige vrouwen en vriendinnen. Wat zie je dan? En wat zou dat betekenen voor de uitstraling van de PC?
“Neffens my makket it gjin ferskil”, zei Hellinga.
Geen verschil? Hier was de journalist even flabbergasted. Maar Hellinga maakt geen verschil, zei hij. Vijf vrouwen in de PC kan wat hem betreft, maar hij had niks met discussies over vrouwenquota.
MOORDWIJVEN
We zijn intussen vijf jaar verder, de PC is nog steeds een mannenbolwerk, daarom nu dezelfde vraag aan Karel Nijman. “Wat een mooie vraag”, zegt hij. Hij noemt zichzelf een ontzettend groot voorstander van vrouwen in besturen omdat dat een andere dynamiek geeft. En hij weet niet of Anne en Marrit goeie bestuurders zouden zijn, maar als hij het voor zich ziet, die twee vrouwen in de PC-tent, begint hij te glimlachen. “Het is een mooi beeld. Marrit en Anne zijn twee superintelligente en krachtige vrouwen, die zich durven uitspreken. Ergens voor durven te staan. Dat zijn mooie eigenschappen. Het zijn moordwijven.”
Een heel andersoortige reactie dan die van Hellinga, vijf jaar geleden. Karel: “Maar ik ben ook andersoortig.”
Overigens zegt hij niet toe dat hij zich gaat inzetten voor de feminisering van de PC. Hij wil eerst en vooral: luisteren, vanuit respect voor de 173-jarige geschiedenis van de PC. Hij hoort zichzelf praten en geeft toe: “Wel een veilig antwoord hè?”
Hij volgt Siemen Volberda op als secretaris. Zou hij ooit voorzitter willen zijn, zoals bij LKC? Zeg nooit nooit, maar voorlopig zeker niet, zegt hij, want hij beheerst het Fries niet goed genoeg. Het is niet de taal van zijn hart, hij denkt in het Nederlands. En de voorzitter van de PC is een boegbeeld van Fryslân. Die moet vlekkeloos Fries spreken. Maar misschien leert hij wat bij. Hij sluit niks uit.
HOGE HOED
De leden van de PC dragen zwarte jacquetten met hoge hoed. Heeft hij al geoefend met die hoge hoed, wuiven naar het publiek? “Nee, nog niet, maar Klaas-Holst Meijer (ook PC-lid, redactie) zei: “Als je ‘t maar uitbundig doet en ervan geniet, dan is het goed.”
Wordt het overigens geen tijd om die kleding van herenboeren af te schaffen en in te ruilen voor een mooi modern blauw pak? “Nee,” zegt Karel, ”ik vind die pakken en hoge hoeden prachtig.“ Hij meent het oprecht. “Daar staat 173 jaar geschiedenis, en als je die niet omarmt, dan ben je eigenlijk geen onderdeel van de PC.”
Tekst Ate de Jong
Fotografie Simon van der Woude en Henk Bootsma (Nijman als speler)















