In bedrijf Binnenstad

‘Onze stad is zoveel meer dan een scheve toren alleen’

Door: Radboud Droog

LEEUWARDEN - In een hoek van het Visitor Center, met een prachtig uitzicht op de Oldehove die aan de andere kant van het plein staat, schenkt Ida Heslinga goede koffie — “gratis, natuurlijk”. Ondertussen vertelt ze dat ze met twaalf man sterk de ziel van Leeuwarden bewaakt. Want dat mag je Visit Leeuwarden, de marketingorganisatie van de gemeente, best toedichten. Maar waarom is onze Oldehove nu minder bekend dan de Toren van Pisa? Ida geeft antwoord.

Ida Heslinga achter de balie van het Visitors Center
Ida Heslinga achter de balie van het Visitors Center Mitch de Pon

“We willen mensen laten zien hoe bijzonder Leeuwarden is. Niet met vlaggen en toeters, maar door gewoon open te staan voor wie binnenkomt.” Ida is officieel marketingadviseur voor de gemeente Leeuwarden en hoofd-marketing van Visit Leeuwarden. “We zijn geen commercieel bedrijf,” zegt ze, “we zijn een platform. Voor bewoners, bezoekers en ondernemers.”

Huiskamer van de stad
Visit Leeuwarden bestaat sinds 2019, geboren uit het besef dat de stad zich na Culturele Hoofdstad professioneel moest blijven presenteren. Met drie mensen begon het; nu zijn ze - ook als opvolger van het VVV - met z’n twaalven, inclusief front-office medewerkers. En vanaf 2021 dragen ze ook de verantwoordelijkheid voor het Visitor Center — zonder souvenirs, zonder winstmotief, maar met de ambitie om de huiskamer van de stad te zijn. Met heel veel informatiemateriaal over culturele uitjes en toeristische trekkers. En zoals gezegd met gratis koffie die inderdaad uitstekend smaakt.

Wat is het hoofddoel van Visit Leeuwarden? Geen harde groeicijfers of toeristenquota in elk geval. “We laten zien wat Leeuwarden allemaal heeft. Van retail tot cultuur, van horeca tot festivals,” zegt Ida. En dat werkt: qua hotelovernachtingen overtreft Leeuwarden inmiddels zelfs het topjaar 2018, toen de stad en provincie Culturele Hoofdstad van Europa waren.

De Reuzen
Toch was het bepaald niet alleen rozengeur na dat belangrijke jaar. Met het vertrek van de Reuzen van Royal de Luxe, namen ook enkele grote festivals afscheid. “Even was het culturele klimaat onderkoeld,” zegt Ida. Na het vertrek van Welcome to the Village en Psy-Fi leek het alsof evenementen in een winterslaap schoten. Zoiets doet wat met de culturele moraal van een stad: “Je hebt voortrekkers nodig, om de boel wakker te schudden.”

Maar inmiddels leeft, zegt Ida, de stad weer op. Nieuwe initiatieven, nieuwe podia, nieuwe plannen. “Niet alleen ideeën, maar ook daden. Dát maakt het verschil.” De stad trekt duizenden verschillende toeristen. Duitsers komen voor de historie en de oude koningshuizen. Toeristen komen tegenwoordig ook weer voor de evenementen die het hele jaar de kalender vullen. “Het bruist in de stad, eindelijk weer. Initiatieven zoals Podium Explore zorgen voor vernieuwing en daar houden toeristen ook van.” Daarnaast waarderen Nederlanders ook de rust van de provincie. “Zij zoeken alternatieven voor het drukke westen. Leeuwarden is hun uitvalsbasis: naar de Wadden, de Elfstedenroute en het groene buitengebied.”

Nog schever dan Pisa
De Oldehove - nog een stukje schever dan die in Pisa, de Italiaanse evenknie - wordt bewust niet te veel gepromoot. “Geen massatoerisme,” zegt Ida beslist. “Liever een aangename verrassing dan een toeristenval.” Want Leeuwarden is meer dan één toren. Het is een stad van verhalen, evenementen en gastvrijheid.

Wie de stad wil leren kennen, moet mee met een gids, vindt Ida. Per praam, per toeristentreintje, lopend. Zelf spelen zij en haar team ook jaarlijks de rol van toerist in eigen stad, om scherp te blijven. “Je moet wel weten wat je als stad te verkopen hebt”, vindt ze.

Visit Leeuwarden beweegt mee met de stad. Waar de focus vroeger bijna uitsluitend op de binnenstad lag, krijgt nu ook het buitengebied ruimte. “Grou, de Groene Ster, Park Vijversburg met het Bos van Ypey – er is zoveel moois te ontdekken.” Ze spreekt met plezier over haar werk: alsof ze de stad zelf op haar schouders draagt. “Wat mensen zeggen als ze hier zijn? Ze zijn meestal verrast. ‘Ik wist niet dat het hier zó mooi was’.”

Zoveel potentie
Tegelijk voelt ze de groeipijn. “We hebben hier zoveel potentie, maar we moeten het wel vasthouden. Jongeren vertrekken na hun studie. Logisch, als er geen betaalde banen zijn. Vrijwilligerswerk is mooi, maar het houdt niemand hier.” Festivals als Welcome to The Village noemt ze ‘essentieel’ voor jong talent. “Daar bouwen ze echt iets unieks. Zulke plekken moeten we koesteren.”

Wat er de komende maanden zoal in haar stad te doen is? “CityProms mag je echt niet missen. Gratis, midden in de stad, voor iedereen. Maar ook Arcadia, met een bijzonder nieuw bouwwerk naast ons kantoor.” En de Miniature People Tour is ook zo’n stille hit. Ida: “Soms zie je Michel zelf, de maker. Dan staat hij weer ergens op z’n hurken, iets te lijmen.”

En Into The Grave natuurlijk: “Zelfs als je geen metalhead bent is dat zo’n belevenis!” Ze kijkt er zelf ook naar uit: en naar een stad die onder haar ogen steeds een beetje mooier wordt.

Beeld van het Straatfestival in Leeuwarden
Bezoekers op de Oldehove