‘Vrijwilligerswerk kun je nooit alleen doen’
Tekst Marije de Lange, fotografie Simon van der Woude

LEEUWARDEN - Grietje Tanahatoe-Pander woont al haar hele leven in Leeuwarden, waarvan 48 jaar in de Willem Sprengerstraat in Oldegalileën. Ze doet al decennialang vrijwilligerswerk en is nog altijd actief voor de Leeuwarder Onafhankelijke Seniorenvereniging (LOS). Dertig jaar geleden werd ze door landelijke media benaderd vanwege haar betrokkenheid bij acties tegen zinloos geweld, na de moord op Meindert Tjoelker in de Leeuwarder binnenstad. GrootLeeuwarden sprak haar over haar lange vrijwilligers leven, de mensen om haar heen en haar kijk op de maatschappij van vandaag.
Grietje, toen ik je vroeg om mee te werken aan een artikel voor GrootLeeuwarden, dacht je dat het een grap was. Waarom?
”Zo belangrijk ben ik niet. Ik geloofde je eerst niet. Toen ik erover had nagedacht, bedacht ik me dat ik toch wel veel heb gedaan als vrijwilliger. Genoeg om over te praten. Ik ben bescheiden en wilde geen pagina’s tekst in en met mijn hoofd op de cover van de krant. Maar zo’n Face to Face vind ik leuk. Heel bijzonder.”
Groot Leeuwarden gaat juist over ‘de gewone Leeuwarder’. Je toonde me een lijst met vrijwilligersactiviteiten en op tafel liggen plakboeken vol artikelen en foto’s. Vertel.
”Het wijkwerk ging vanuit de SBO (samenwerkende bewonersorganisatie). In de buurthuizen organiseerden we playbackshows, 18+ bingo’s, straatspeeldagen, een roefeldag en buurtfeesten. Toen het buurthuis in mijn oude wijk - het IJsbaankwartier - verdween, kregen we zogenaamd inspraak over een nieuwe bestemming. Mijn kinderen waren inmiddels geboren en er bestond nog geen peuterzaal. Die heb ik toen samen met buurtgenoten opgericht. In 1975.”
Revolutionair, een peuterspeelzaal. Wat deed je met de vrijgekomen tijd?
”Nog meer huishouden en voor de kinderen zorgen. En mantelzorg voor mijn ouders. Ik voelde me schuldig hoor, om de kinderen twee ochtenden weg te brengen. Tegenwoordig brengen ze ze iedere dag weg.
Het enige recht van de vrouw in die tijd was het aanrecht. Toen ik trouwde, stopte ik vrijwel direct met werken. Ik heb nog even geholpen bij de autobusmaatschappij. Mijn oudste zoon ging dan mee naar het werk.”
Wanneer werd je iemand die zich zo nadrukkelijk voor anderen ging inzetten?
”Vanaf 1975, toen ik die peuterzaal hielp opzetten.”
Je hebt je ingezet in de Transvaalwijk, Oldegalileën en bij de intocht van Sinterklaas. Waarom blijf je het steeds doen?
”Het is hartstikke leuk. Vanuit de SSIL (Stichting Sinterklaas Intocht Leeuwarden) was ik twintig jaar lang betrokken bij de intocht. De SSIL bestaat nu veertig jaar. Tot voor kort pakte ik nog pepernoten in, met bejaarden.”
Met bejaarden?
Grietje lacht. “Ja, zo noem ik ons. De groep inpakkers is gemiddeld tachtig jaar oud. Nu mag de jeugd het overnemen, we zijn te oud. Het was lopendebandwerk, maar zo leuk. Wat ik moeilijk vind, is dat er steeds meer mensen wegvallen in deze levensfase.”
“Wij zijn ‘oudere oude mensen’”, vult partner Robby glimlachend aan.
Wat is een roefeldag?
”Een dag waarop kinderen kennismaken met bedrijven. Bijvoorbeeld door achter de schermen te kijken bij de Albert Heijn of de balie van de politie.”
Je noemt de komst van roetveegpieten een ‘kentering’. Vertel.
”Het maakt de kinderen niets uit van wie ze pepernoten krijgen. Sinterklaas blijft een kinderfeest. Als ze plezier hebben, is het goed. Wel waren kinderen vroeger soms bang voor de zwarte pieten.”
Meerdere mensen zijn gestopt met helpen bij de intocht sinds die veranderingen.
”Mij maakte het niets uit. Mijn man en ik fietsen nog altijd mee met de intocht vanaf de stoomboot.”
Wat heb je in al die jaren geleerd over mensen?
”Vrijwilligerswerk kun je nooit alleen doen. Je hebt altijd sterke mensen om je heen nodig, met dezelfde ideeën. Je moet goed kunnen samenwerken. Als dat niet goed gaat, is het zacht uitgedrukt verschrikkelijk.”
Wat bedoel je met dezelfde ideeën?
”Je moet aan dezelfde doelen werken. Zo werk ik samen met Margré Hasz binnen de LOS. Wij plannen alle artiesten in voor de winter erna. Nu ligt het seizoensprogramma dus alweer klaar. We organiseren lezingen, muziek en meer in de Kurioskerk. Laatst moesten we de grote zaal boeken. Dat zijn leuke middagen om te organiseren. Zonder David Droogsma, de beheerder van de Kurioskerk, zou het trouwens niets worden. Die man verdient een lintje.”
Wat organiseert de LOS nog meer?
”In de zomer organiseren we reisjes, zoals naar Elburg of de Weerribben. We hebben zo’n 1.100 leden en deze reisjes lopen als een tierelier. Oudere mensen hebben genoeg aan een dagdeel op pad. We merken wel dat mensen tegenwoordig later met pensioen gaan, dus de aanwas is minder. En onder onze generatie vallen er steeds meer mensen weg.”
Dat lijkt me moeilijk, dat er zoveel bekenden overlijden.
”Het is moeilijk. Vorig jaar vierden we de tachtigste verjaardag van mijn man. Nu zijn van die groep alweer meerdere mensen overleden.”
Ben jij bezig met een naderend afscheid?
”Ik leef per dag. Pluk de dag, af en toe leuke dingen doen. Niet te overdreven. Wel hebben we er laatst over gesproken, met de kinderen. Dat moet wel.”
Wat voor leuke activiteiten ondernemen jullie?
”Er is binnenkort een feestje in de Bres van Weima & Van der Werf. We gaan samen weleens naar De Harmonie. Robby speelt Indorock en gaat naar de Indische gemeenschap. Dat is zijn middag. Het is ook goed om dingen voor jezelf te hebben.”
Dertig jaar geleden raakte de moord op Meindert Tjoelker Leeuwarden diep. Hij woonde bij jou in de straat.
”Ik kende hem nauwelijks, maar hij was bevriend met de kinderen van een vriendin uit onze straat. Zij waren samen tijdens die uitgaansavond. De dag erna was er een buurtfeest. We hebben het door laten gaan, maar zeiden tegen elkaar: hier moeten we iets mee.”
Jij werd actief rond zijn herdenking en met ‘Nee! Tegen geweld’.
”Met alle buurthuizen, aangesloten bij de SBO, is het initiatief begonnen. Leidend hierin waren Doety Tamminga en ik. We organiseerden onder andere de stille tocht. Het overkwam me allemaal: na het buurtfeest zat ik plots te vergaderen bij de gemeente."
Een paar dagen geleden werd ik nog gebeld door de gemeente, in verband met de herbestrating van de Nieuwstad. Ze vroegen of ik contactgegevens had van de familie Tjoelker, zodat ze geïnformeerd konden worden dat de herdenkingstegel tijdelijk in opslag komt te liggen. Keurig, vond ik dat.”
Je werd destijds geleefd.
”Dat klopt. Er komt nu veel bij me naar boven. Het is lang geleden, maar ik krijg er kippenvel van. Het was een circus na zijn overlijden. De Telegraaf reed door de straat. Ik weet nog dat ik ’s ochtends vroeg met horecaondernemer Baukje de Vries werd opgehaald door een grote taxi. We zaten die middag in een praatprogramma in Hilversum. Voor televisie.”
Grietje bladert door een van haar plakboeken. Tussen de oude krantenknipsels en foto’s staan buurtgenoten en kinderen waar ze veel mee heeft ondernomen. Ze licht een foto uit:
”Dat is MC Mouth of Madness. Hij doet nu aankondigingen en hardcore. In 1996 trad hij onder dezelfde naam op tijdens een disco-buurtfeest dat ik organiseerde. Mijn middelste zoon ´DJ UZI´ staat er ook op. Hij draait ook nog steeds, ’s avonds op grote feesten in Nederland. MC Mouth of Madness reist tegenwoordig de hele wereld over.”
Hoe kijk je tegenwoordig naar Leeuwarden?
”In het centrum kom ik vrijwel niet, daar heb ik niets te zoeken. Ik ben erg blij met de Poiesz hier vlakbij: daar tref je de Leeuwarder en maak je een praatje. Alles wat we nodig hebben is er. Laatst was ik in die nieuwe Lidl. Er ging een wereld voor me open. Zoveel keuze en zoveel gereedschap. Heel andere mensen.”
Waar maak je je zorgen over?
”De jeugd van nu. Ze groeien op met oorlog en fake news. Maar, ik woon fijn in de Oldegalileën. Liever dan in een seniorenappartement. Tegenover ons wonen jongelui, er worden kinderen geboren, er wordt verbouwd. Dit is meer zoals het ‘gewone leven’ is.”












