Algemeen

Zoon Friese Simon Wiesenthal strijdt voor behoud archief Hunting Jack

Door: Radboud Droog

LEEUWARDEN - De Friese Simon Wiesenthal werd hij genoemd en later Hunting Jack, vanwege zijn felle jacht op oorlogsmisdadigers. Maar het levenswerk van Jack Kooistra (1930-2025) was zijn archief met de namen van 182.000 oorlogsslachtoffers. Zijn zoon Jacques (67) zet zich in voor het behoud van dit archief. “Het moet niet vergelen en in de vergetelheid raken.”

Jack Kooistra
Jack Kooistra Hidde de Vries

Tekst Ate de Jong, fotografie Hidde de Vries/Videobrouwers 

Dat archief begon met een schriftje van zijn vaders beppe, vertelt Jacques. Daarin noteerde Jack de eerste naam: visboer Venema van Hurdegaryp. In 1939, Jack was negen, werd Venema opgeroepen voor de mobilisatie. Jack miste de visboer, hij was gek op vis. In mei 1940 vertelde zijn moeder dat de visboer was gesneuveld in een gevecht bij Kornwerderzand. Het moet grote indruk op het kleine jongetje hebben gemaakt.

Van beppe kreeg hij een schrift en een pen. En Jack noteerde wat er met visboer Venema was gebeurd en waar en wanneer. Het was het begin van een levenslange fascinatie. Vanaf dat moment las hij in de krant van zijn grootmoeder de overlijdensadvertenties, voornamelijk militairen, en hij noteerde alles. 

Later oriënteerde hij zich breder. Hij maakte geen onderscheid. Omgekomen soldaten, burgerslachtoffers, Joodse mensen, Roma, Sinti. Slachtoffers, maar ook daders. Iedereen kwam in het schrift.

Hij was vijftien, zestien jaar, toen hij bij de burgemeester van Dantumadeel moest komen. Het was de politie was opgevallen dat hij her en der informatie verzamelde. Wat bewoog die jonge man? Jack had een goed verhaal. De burgemeester vertrouwde hem en hij kreeg een aanbevelingsbrief. Die stuurde hij voortaan mee als hij bij andere gemeenten informatie vroeg over omgekomen mensen. 

EEN GOEIE DUITSER
Als jongetje hielp hij de illegaliteit. Hij vervoerde vlees, voor onderduikers, in fietstassen onder een stapel boeken. In de Schoolstraat in Zwaagwesteinde trof hij een Duitse soldaat, Walther Hancke. “Ik weet wat jullie doen”, zei Walther, “jullie helpen onderduikers. Maar ik zeg niks.” Goeie Duitsers bestaan niet, had Jack geleerd, maar toch... dit was een goeie Duitser.

Deze ontmoeting kreeg jaren later een wonderlijk en tegelijk tekenend vervolg, vertelt zoon Jacques: “Op een zondagmiddag in 1968, ik was tien, zei mijn vader plotseling: ‘Kom, we gaan met de trein weg.’ Dat hoefde hij niet twee keer tegen mij te zeggen, want ik was dol op treinen. We gingen naar Groningen en vandaar naar Nieuweschans. Ik had geen idee wat de bedoeling was. In Nieuweschans pakten we de bus, via Bunde naar Leer en daar liepen we naar een begraafplaats. We stopten bij een graf. ‘Och heden,’ zei mijn vader, ‘och heden. Hier ligt hij.’ Walther Hancke. Gestorven op 8 mei 1945. Het greep hem zo aan, een goeie Duitser, en vlak voor het einde van de oorlog nog doodgeschoten.” 

Jack wist inmiddels uit eigen ervaring wat oorlog was. In Nederlands-Indië lag hij met een maat in een schuttersput onder vuur. Nadat het schieten voorbij was, draaide hij zich om en zag dat zijn maat was doodgeschoten. Hij vertelde zijn zoon later hoe ongelooflijk angstig hij was geweest. 

En hij bezocht de vernietigingskampen van de nazi’s, zag de gruwelen. De oorlog zou hem nooit meer loslaten.

DE BEUL VAN OMMEN
Jack Kooistra vond dat de overheid veel te laks optrad tegen oorlogsmisdadigers. Daarom maakte hijzelf jacht op nazi’s. Hij zocht gerechtigheid voor nabestaanden, zegt zijn zoon: “In totaal traceerde mijn vader ongeveer honderd oud-nazi’s. Hij speelde bijvoorbeeld een belangrijke rol bij de opsporing van kampcommandant Herbertus Bikker, de Beul van Ommen, en Jacob Luitjens, de Schrik van Roden.”

Jack Kooistra overleed op 14 januari 2025. Jacques kreeg de vraag wat er met z’n vaders erfgoed ging gebeuren. “Mijn vader had steeds gezegd: het gaat allemaal naar het Militair Mobiel Depot in Loosdrecht. Maar dan staat het daar achter slot en grendel en ziet niemand er ooit weer naar om. Daarom heb ik de stichting Hunting Jack opgericht om het erfgoed te bewaren, te bewaken en waar mogelijk te openbaren. Dat laatste, dat is voor mij het allerbelangrijkste.” 

ENORME OPGAVE
Maar dan. 182.000 hadgeschreven kaartjes digitaliseren. 32 metalen archiefbakken vol. Een enorme opgave. Maar Jacques ziet het als een eerbetoon aan zijn vader. Hij heeft fondsen geworven, is nog bezig met een grote aanvraag bij VWS en dan kan GMS in Hurdegaryp beginnen met het scannen. Daarna worden ze in een database opgenomen en gekoppeld aan WO II-net, zodat iedereen het bestand kan inkijken. Missie geslaagd. Maar zover is het nog lang niet, er is nog veel werk te verzetten. “En misschien wil je vermelden dat we nog een voorzitter zoeken?”

Intussen, wordt er nog op nazi’s gejaagd? “Nee”, zegt Jacques, “die zijn nagenoeg uitgestorven.” En daar is hij niet rouwig om. 

Voor uitgebreide informatie over Stichting Hunting Jack: www.sthunja.comMeehelpen om de legacy van Jack Kooistra voort te zetten? Doneren kan via NL 52 INGB 0105 3987 99

Een van de 182.000 kaartjes uit het archief.
Jacques Kooistra, de zoon van Hunting Jack.