Beroep: schaatser en airbrusher - Shorttracker Itzhak de Laat over kunst en Olympische droom
LEEUWARDEN - Op het middenterrein in Thialf is de Nederlandse shorttrackploeg met een zware training bezig. Één shorttracker valt op door zijn mat-oranje helm met daarop een licht-groene vrouw. Ze heeft oranje ogen en een soort web van slangen op haar hoofd. Het is de helm van Itzhak de Laat. De Leeuwarder is al lang bezig met het samenbrengen van kunst en shorttrack. Hij airbrusht namelijk helmen en hij heeft hiervan, naast het schaatsen, zijn beroep kunnen maken. Afkomstig uit een kunstenaarsgezin, was Itzhak altijd al omringd met kunst.

Op het middenterrein van Thialf vertelt Itzhak over het airbrushen, zijn interesse in kunst en zijn doelen op de Spelen in Milaan.
Itzhak, het eerste wat je zei toen je aan kwam lopen was: ‘Je hebt wel de goede training uitgekozen.’ Iedereen ligt uitgeteld op de kussens. Wat hebben jullie vandaag gedaan?
“We hadden vandaag een relay training. We rijden in volle vaart rondjes en moeten elkaar afwisselen door te duwen. De hoge snelheden en het duwen kosten enorm veel energie. De training duurt anderhalf uur, dus daarna is iedereen helemaal kapot.’’
Je was als kind altijd al heel bewegelijk. Je begon met schaatsen, totdat je shorttrackers kunstjes zag doen. Sprak de explosiviteit van het shorttrack jou daarom meer aan dan het langebaan schaatsen?
“Ja, ik denk het wel. Als kind was ik inderdaad heel erg energiek. Ik hield ook wel van extreme sports en daar valt shorttrack in mijn ogen ook onder. In die zin was ik voor deze sport gemaakt.’’
![]()
Itzhak de Laat - Foto: Haile Flapper
Je ouders zijn kunstenaars. Wat betekent kunst voor jou?
“Ik doe al mijn hele leven aan topsport. Dan ben je veel met je lichaam bezig en kunst is iets wat je meer met je hoofd doet. Shorttrack voor een gedeelte ook, maar door kunst kan ik mij ontspannen én ik ben ik creatief bezig.’’
Vroeger vond je het nog lastig om dag en nacht met het shorttrack bezig te zijn. Zorgt het bezig zijn met kunst daarom ook voor afleiding?
“Iedere topsporter moet daar een balans in vinden op zijn eigen manier. De een leest boeken, Sjinkie (Knegt) vindt het leuk om met auto’s te klooien en de ander is bezig met studeren. Voor mij zit de ontspanning in het bezig zijn met kunst.’’
Is zo ook het idee ontstaan om je eigen helmen te airbrushen?
“Ja, want tekenen vond ik altijd al heel erg leuk en vroeger schaatsten we met een soort mutsje over onze helmen heen. Daar stond je nummer op. Acht jaar geleden besloot de internationale schaatsbond om het mutsje weg te doen. Je nummer kwam op de helm zelf en hoe de helm er voor de rest uitzag, mocht je zelf bepalen. Toen dacht ik: dan ga ik mijn eigen helmen verven. Toen kwam ik zal snel bij het aibrushen uit. Deze verftechniek met spuitbussen gebruiken ze ook om motorfietsen en Hot Rod auto’s te verven.’’
Je hebt een tas vol helmen meegenomen met verschillende designs. Hoe ga je te werk?
“Het begint bij een helder ontwerp. Je kunt niet zomaar beginnen. Je werkt namelijk in lagen op de helm en deze zijn strak opgebouwd. Zo weet je ook welk materiaal je wil gebruiken. Je ziet bij sommige helmen bijvoorbeeld heel veel glitters en dat ik gebruik heb gemaakt van een soort verf om overgangen te creëren. Als ik het ontwerp helder heb, begin ik met het schuren van de helm. Je wil dat de verf goed beschermd is en het niet na een stoot afbladdert. Daarna bouw ik de helm op met kleuren. Dat ligt ook maar net aan wat voor ontwerp ik wil maken. Na het verven, lak ik de helm af. Tot slot kan ik ervoor kiezen om de helm mat te maken.’’
Als inspiratiebron voor je helmen, gebruik je onder andere Hansruedi Giger. Een Zwitserse kunstenaar. Waarom?
“Hij airbrusht ook en zijn stijl is vrij donker en luguber. De film Alien uit 1979 is een horrorfilm waarvoor Giger het monster heeft ontworpen. Hij gebruikte eigenlijk altijd zwart-wit en zijn ontwerpen vind ik heel spannend. Hij kan leven en dood samenbrengen in één ontwerp. Daarin is hij in mijn ogen uniek.”
![]()
De stijl van Giger kun je dus terugzien in je helmen.
“Zijn stijl laat ik zeker terugkomen. Een helm is in de basis oranje met daarop een grijze vrouw met voor de helft een gezicht en voor de helft een doodskop. Bij shottrack zit je heel laag met vaak je hoofd naar beneden. Zo zie je het design op de helm heel goed.’’
Het airbrushen is begonnen als hobby. Later ben je ook helmen voor teamgenoten gaan maken, maar nu is het ook je werk.
“Jazeker, ik heb nooit echt gestudeerd, omdat shorttrack heel veel tijd van mij vroeg. Ik ben altijd blijven nadenken over wat ik na het shorttrack zou willen doen. Het maken van helmen vind ik heel erg vet en ik denk dat ik er ook wel goed in ben. Daarom wil ik steeds professioneler worden en meer helmen voor anderen maken. Het is ook een doel om meer helmen voor mensen in de autosport te airbrushen. Dat heb ik al een aantal keer gedaan. In de autowereld kun je namelijk meer met custom helmen rijden. Ik wil nu ook gaan toewerken naar een studio waar ik meer ruimte heb om de helmen te maken, want nu maak ik ze thuis. Zo kan ik ook een showroom maken.’’
Dat is een mooi doel. Wat zijn je doelen op het ijs? Je hebt al twee Olympische Spelen achter je naam. Wat wil je in Milaan gaan bereiken in februari?
“Dat is duidelijk: een medaille op de relay. Dat zou de bekroning op mijn carrière zijn. In Pyeongchang (2018) was ik erbij en misten we de finale. In Beijing (2022) verpestte ik het zelf in de laatste ronde van de halve finale. We zijn al twee keer goed genoeg geweest voor een medaille, dus drie keer is scheepsrecht. Tuurlijk wil ik het liefst goud, maar het ligt dicht bij elkaar, dus überhaupt een medaille zou al mooi zijn.’’
Tekst en fotografie: Haile Flapper